Een oriëntaals bericht uit de Leeuwarder Courant van 14 september 1920. De krant schrijft over een bijzondere avond in de Harmonie te Harlingen. In het hs12theater werd de avond gevuld met de verhalen van de heer J. D. van Buren die als gezagvoerder werkzaam was op de lijndienst Java-China-Japan. De gezagvoerder kreeg de gelegenheid om in het theater zijn toehoorders te vermaken met zijn belevenissen in Oost-Azië. De belangrijkste onderwerpen waren het varen in de genoemde regio, maar er werd ook ruimschoots aandacht besteed aan de verschillende uitstapjes die de kapitein had ondernomen. De gezagvoerder was onder andere afgereisd naar de Filipijnen, China, Japan en zelfs San Francisco. In de Friese havenstad gingen zijn verhalen er in ieder geval in als koek!

 

Een avond vol vertellingen

 

Alvorens de hoofdspreker het hoofdonderwerp aansneed werd er een korte introductie gegeven van de  maatschappij waarvoor van Buren werkzaam was.

“De maatschappij is in 1903 opgericht met het doel het goederenvervoer te bevorderen en bezit thans 11 schepen, waarvan de grootste 17.000 ton waterverplaatsing hebben.”

Vervolgens liet de spreker, met behulp van lichtbeelden, de mooiste plekjes zien van de landen en steden die werden aangedaan door de maatschappij. Hierbij werd ook prachtige foto’s getoond die  de bezigheden, gewoonten en gebruiken van de lokale bewoners weergaven. Een unieke inkijk in een andere cultuur! De spreker toonde zich een geweldig verteller van anekdotes

 

Komt allen!

 

Tot slot ontstak de spreker een promotiepraatje voor de maatschappij.

De Nederlandsche koopvaardijvloot breidt zich uit. De genoemde lijn heeft vier groote schepen  in aanbouw, waarvan twee turbine-schepen in Engeland. Voor deze vloot is natuurlijk degelijk, vakkundig opgeleid personeel urgent. Het belang der maatschappij paart zich aan het belang der jongelui, daar deze laatsten een gunstige gelegenheid hebben, zich tot een goede, echte mannelijke positie op te werken. Velen hebben iets tegen op het varen in Indië, doch hier geldt het een lijn, die geregeld in gematigd, zelfs koud klimaat komt en in alle opzichten een eerste-klasse maatschappij is. Door het afwisselend klimaat komen tropische ziekten, bij een geregelde, verstandige levenswijze, weinig voor. De gunstige voorwaarden, welke de maatschappij verleent, maken het niet moeilijk voor vele ouders, om aan de keuze hunner zoons tegemoet te komen. Zij, die aan het einde hunner opleiding, met goed gevolg het examen voor derden stuurman bij de groote stoomvaart hebben afgelegd, treden bij de in dienst als vierde officier. Men verbindt zich slechts voor drie jaar en kan daarna, bij niet voldoende ambitie, ontslag verkrijgen, met vrije passage naar Holland.”

De jongeren van de Harlinger zeevaartschool werd op deze wijze een unieke kans geboden om het avontuur aan te gaan.  Deze laatste monoloog betekende het einde van een prachtige avond vol vertellingen en de kennismaking met vele verschillende culturen.

 

Bron: Leeuwarder Courant, 14-09-1920